Interview met Rhy:

Fred: 'Kun je je even voorstellen?'
Rhy: 'Ja hoor. Ik ben een vrouw die al een deel van het levenspad achter zich heeft gelaten en zich na het vele vallen, met pijn, moeite, zweet, bloed en tranen telkens weer zover weet te krijgen dat ze bewust besluit om aan het volgende stuk te beginnen.'


Fred: 'Hoe voelt voor jou depressie?'
Rhy: 'Alsof je gevangen wordt door de duisternis. Één zijn in een diep-donker vacuüm dat zich gelang de depressie groeit, zich steeds verder vult met droeve, sombere en zelfbeschuldigende gedachten.
Wel altijd in het besef dat dit een fase is van voorbijgaande aard, doch tevens dat de duur van die fase minstens maanden in beslag zal nemen.

Ongeacht of je alleenstaand bent of met een partner, kinderen of goede vrienden, bezorgt de depressie een onwezenlijk gevoel van diepe eenzaamheid, die niet wil wijken en zelfs de toch al zo doffe bol waarin gedachten weigeren zich te ruste te leggen, nog donkerder, taaier lijkt te maken.
De afwezigheid van genoeg energie is het grootste struikelblok, om je sneller op te kunnen richten. Alle energie gaat verloren in de apathisch lethargische toestand waarin je je bevindt en zelfs de algemeen dagelijkse levensbehoeften zijn zwaar om aan te voldoen.'



Fred: 'En weet je ook waar het vandaan komt?'
Rhy: 'Dit is een moeilijke vraag. Terugkijkend weet ik dat ik ooit heel jong (elf jaar) een diepe depressie heb doorgemaakt die exact twee seizoenen heeft geduurd en onopgemerkt is gebleven door mijn ouders en onderwijzers. Jaren later kwam ik opnieuw in een depressie, waarvan ik zelf het vermoeden heb dat dit deels is gekomen door het feit dat na het eindexamen havo en de periode die leeg lag tot ik in november de verpleging inging, feitelijk in een zwart gat terecht kwam. Alle vrienden vlogen uit over het land om elders aan een opleiding te beginnen of tegemoet te komen aan hun ondernemings- en reislust.

Het besluit van de jongen met wie ik toen verloofd was om zonder enig bericht vooraf een paar maanden in de Kibboets te gaan werken, is de druppel geweest die me in een eerste opname deden belanden.
Twee jaar later, opnieuw vanwege omstandigheden, bleef de zo broodnodige nachtrust weg, de slaap wilde eenvoudigweg niet meer komen en na een week niet geslapen te hebben, werd ik op een vreemde verwerpelijke wijze opgenomen (hoegenaamd vrijwillig), kreeg ongevraagd Lithium, waar geen uitleg bij werd gegeven en waar ik onbekend mee was en werd vanwege het aanslaan daarvan binnen vier dagen de diagnose manisch-depressief gesteld.

Vandaar dus dat ik nu, zoveel jaar later, nog steeds niet tot acceptatie ben gekomen omtrent deze diagnose. Die diagnose werd gesteld in een te korte tijd, waarin ik vanwege de opname al tot rust was gekomen en is dus zuiver gebaseerd op de medicatie die volgens de psychiater in die tijd hiervoor had gezorgd, zonder er rekening mee te houden, dat mijn geest een zelfhelend vermogen zou kunnen bezitten.

De depressies die na die jaren zijn gekomen, kwamen altijd na een 'manie', vanuit het niet kunnen slapen. Het niet kunnen slapen was een gevolg van teveel problemen, waar verder nooit naar is gevraagd, laat staan iets meegedaan. Ik ben jarenlang stabiel geweest tot mijn inmiddels overleden vriend vanwege een foutje van zijn psychiater totaal de weg kwijtraakte en ik na twee jaar zowel lichamelijk als psychisch uitgeput me weer geplaatst zag voor een (opnieuw niet-zo-afgesproken, slinkse onder het mom van vrijwillige) opname.

Wat in en vlak na die periode zich aan niet te beschrijven ellende heeft afgespeeld, heeft ervoor gezorgd dat ik gedurende de laatste vier jaar, drie maal een manie heb doorgemaakt en vier maal een depressie, waarvan de laatste twee zo diep, zo zwaar zijn geweest, dat ik het als een wonder beschouw dat ik hier nu nog ben. Te dwars als persoon om de weg te gaan die mijn vriend me voor is gegaan, weiger ik me neer te leggen bij het feit dat ik als mens niet geaccepteerd wordt zoals ik geschapen ben. Spontaan, impulsief en bij tijd en wijle mijn eigen grenzen bepalend vanuit de gedachte dat eerlijkheid een deugd is.
Nu in een redelijk stabiele fase, die sinds februari bereikt is, vanuit mijn eigen kracht.'


Fred: 'Gebruik je medicijnen?'
Rhy: 'Voorgeschreven is 'Priadel' 600 mg, waar ik vrij veel last van heb. Ervaringen uit het verleden leren dat als ik manisch dreig te worden ook dit middel geen enkel effect heeft opgeleverd. Dus.....
Zo nodig 15 mg Flurazepam als de slaap weigert zich over me te ontfermen.
Dit middel heeft op mij het nadelige effect dag gewrichten en spieren er hinder van ondervinden in een dusdanig mate dat ik lichamelijk beperkt ben vanwege de pijn, tot het lopen, fietsen en tal van dingen die ik dus nodig heb om me geestelijk wel te bevinden. Ik slik ze dus slechts als het echt niet anders kan; de manische duivel te dicht in de buurt dreigt te komen.'


Fred: 'Hoe is jouw situatie nu?' (bijv. vrijwilligerswerk, huisvesting, psychische ondersteuning)
Rhy: 'Twintig minuten consult bij de psychiater eens in de twee, drie maanden.
Op zijn advies volg ik de 3MP. Een methode om de depressie te keren en je te dwingen naar buiten te gaan. Bestaat uit drie maal per week anderhalf uur therapie. Te weten creatieve therapie, psychomotorische therapie en ergotherapie. (hoewel de laatste al als afgeschreven kan worden beschouwd daar de ergotherapeut vertrokken is naar een andere instelling en de instelling waar deze therapie wordt gegeven een bezuinigingsbeleid voert, waarbij er vanuit is gegaan dat de vrijwel overbodige SPV-ers die zij in dienst hebben, dit deel dus maar voor hun rekening dienen te nemen. Meer een babbelochtend waar je niet veel aan hebt)'



Fred: 'Wat doe jij om je beter te voelen?' (bijv. hardlopen, winkelen etc.)
Rhy: 'Schrijven, lezen. Schilderen en tekenen
Kennis vergaren over tal van zaken die mijn interesse hebben
Trachten dat beloofde boek, een zwartboek der psychiatrie dat ik wil schrijven voor kinderen, eindelijk eens te voltooien. De uitdaging hierin ligt dat ik het cynische zo dien te verpakken dat dit voor een kind een spannend en tegelijkertijd een humorvol gebeuren wordt waarmee de angst voor de psychiatrie met hun patiënten kan worden weggenomen. Een stap om het taboe werkelijk te doorbreken door de jeugd hierin een andere versie te laten zien, dan die waar de samenleving mee blijft komen.

Het verneukeratieve roepen van het accepteren van de psychiatrische patiënt, terwijl in de praktijk er alles aan gedaan wordt om ons buiten deze zelfde samenleving te plaatsen en vanuit de medische hoek zoveel verdovende middelen worden voorgeschreven dat we lekker rustig blijven en op de achtergrond mogen wegvegeteren met een inkomen dat geen naam mag hebben.'



Fred: 'Wat helpt je het beste tegen depressiviteit?'
Rhy: 'Uitzieken.
Uitrusten tot het moment daar is, dat ik me vanuit mijn mezelf toegesproken harde woorden me langzaam ga zetten tot de strijd tegen het depressieve monster.
De dagelijkse levensbehoeften tracht ik altijd te blijven navolgen. Slapen, Douchen, Eten en de hygiëne in huis handhaven.
Tijdens die beginstrijd, mezelf dwingen naar buiten te gaan voor korte tijd en dit met de dag zien uit te breiden.

Praten, al is er vrijwel niemand die wil luisteren (en dan bedoel ik ook echt luisteren en niet wat velen dan nog net kunnen opbrengen met een bestudeerd doch verveeld gezicht je slechts aanhoren, terwijl je gewoon voelt dat hun gedachten intussen mijlen ver vertoeven)
Schrijven is nog te moeilijk in het begin, omdat vanwege de depressie de concentratie en het geheugen niet vooruit te branden zijn en je dus niet in staat bent de woorden op te laten borrelen waarmee je je gevoel op papier kunt uitdrukken zoals je dit wilt en in niet-depressieve tijden zo gemakkelijk afgaat.'



Fred: 'Heb je ook een bepaald iets waar je voldoening uit krijgt?'
Rhy: 'Muziek. En dan die muziek waar ik me het meest ontspannen bij voel. Ik ben verzot op 'Faun' een groep die medieval muziek maakt. Faun en Enigma, Era, Clannad en als ik weer iets helderder ben kan ik me verliezen in al wat Ramses Shaffy aan schitterende liederen heeft weten te toveren. Shaffy, List, Boudewijn de Groot. Als ik me wat boos of sterker woest voel, draai ik Deep Purple. Het album Machine Head. En voor de wat zachtere tijden, kan Hair me nog steeds bekoren.

Amy Winehouse, Frank Sinatra, Herman van Veen, Henk Westbroek, Bob Marley, Santana, Allan Parsons, Supertramp en natuurlijk de diverse cynische lolbroeken. Youp van 't Hek. Van Kooten en de Bie, Teeuwen, Najib.
In een fase dat het iets beter gaat is het lezen van een boek, ook al moet ik wel blijven terugbladeren omdat het zo moeilijk is om wat je leest vast te houden, iets wat ik mezelf opleg. Het beeldend lezen ontbeer ik dan wel, omdat dit niet echt mogelijk is in die tijd, doch het moment waarop je het boek uit hebt, redelijk kan navertellen wat je hebt gelezen is een moment van ongekende voldoening omdat je iets bereikt hebt wat boven je macht lag en een stimulans om ook op ander terrein je bakens weer wat te verzetten.'



Fred: 'Heb je valkuilen?'
Rhy: 'Ja. Het niet willen toegeven dat de slaap te vaak en te lang niet komt zoals het hoort en me dan niet kunnen zetten tot het innemen van die slaapmedicatie, het vooruitzicht op de lichamelijke pijn met de daaruitvoortvloeiende beperkingen is hier de oorzaak van. Tegenwoordig weet ik dat ik alles moet inleveren, moet doen om die slaap te verkrijgen. Door ervaring wijzer moet je maar denken. Het risico van de manie groter en wetende dat die manie niet het ergste is, doch de maandenlange depressie op den duur killing, houd ik mezelf nu strikt bij het volgen van mijn gevoel en ga over tot het innemen van die medicatie die me de broodnodige rust verschaft.'


Fred: 'Heb je nog tips?'
Rhy: 'Volg je eigen gevoel.
Zoek een balans tussen het je overgeven aan de depressie en het te hoog leggen van je eigen lat.
Doe elke dag in ieder geval één ding, al is het nog zo klein. Je schept er voldoening uit, naarmate de moeilijkheidsgraad voor jou op dat moment is die voldoening groter en een katalysator in het krabbelen langs de glibberige wand van die put omhoog naar het luchtiger licht.
Houd jezelf voor, dat ook al kun je het echt niet meer geloven op het moment dat je in dat eenzame duister doolt, dat het een voorbijgaande fase is.

Laat je niet verleiden tot het slikken van anti-depressiva, vooral niet als je een bipolaire stoornis hebt. Zoals mijn gevoel me al meldde heeft de ervaring dit helaas bewezen, dat als je anti-depressiva slikt je een fase van stabiliteit nadert waarop je direct moet gaan afbouwen om zo snel mogelijk de antidepressiva te stoppen. De psychiater gelooft hier dan niet in en overtuigt je van zijn gelijk dat de depressie weer zal terugkeren, gaat voor het gemak voorbij aan het feit dat als je niet jij niet naar je eigen gevoel luistert je de stabiele fase voorbijschiet en voor je er erg in hebt in de manie bent beland met alle gevolgen van dien.

Zo bereik je dus precies dat wat voorkomen dient te worden, namelijk een aaneenschakeling van manische en depressieve fasen zonder de zo benijdenswaardige stabiele perioden te mogen beleven, waarin je immers net zo normaal bent als ieder ander *waarbij normaal een relatief begrip blijft*
Bovendien schuilen er groter gevaren aan de anti-depressiva dan je verteld wordt. Het is zelfs zo dat in de opbouwperiode de depressie kan verergeren en dit is dan ook precies de tijd waarin de meesten besluiten toch over de grens van het tijdige naar gene zijde te vertrekken.

De andere bijverschijnselen, zoals het schrikbarend toenemen van je lichaamsgewicht, zorgen er eerder voor dat je nog depressiever wordt omdat je zelfbeeld daarmee fysiek ook een knauw krijgt.
Tracht zo sterk te zijn dat je zelf de strijd aangaat. Het is jouw depressie en dus ben jij degene die hem moet zien te keren, de enige in feite die hem kan keren. Laat je niet loom dobberen op die windstille donkergekleurde zee van gevoelens. Zoek de riemen die je had en roei je de blaren naar het vaste land.'




Fred bedankt Rhy voor het interview, en wenst haar sterkte.